Lotti van der Gaag

Uit Wikiquote
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
foto van haar bronzen beeld 'De Gek' te Amstelveen, door Lotti van der Gaag gemaakt in 1951
Informatie bij zusterprojecten:
Wikipedia-logo.svg
artikel in Wikipedia
Commons-logo.svg
media bij Commons
Informatie in externe bronnen:
BP 21488262 pagina in Biografisch portaal
KB pagina in KB-catalogus
RKD pagina in RKD

Lotti van der Gaag (Den Haag, 18 december 1923 - Nieuwegein, 19 februari 1999) was een Nederlands beeldhouwster en schilderes die in nauw contact met de COBRA-kunstenaars haar werk maakte..

Citaten van Lotti van der Gaag - chronologisch[bewerken]

  • „Kreetwee”
  • Origineel in het Frans:
    “Accouchement accordé”
  • Bron: Lotti van der Gaag, titel van een beeld uit 1953
  • Aanhaling(en): Laura Soutendijk, Lotti van der Gaag, Waanders uitgevers, Zwolle & V+K Publishing, Blaricum, 2003 p. 68; ISBN 90-400-8772-5
  • Het beeld Kreetwee dat zo getiteld is door Van der Gaag, is een vrouwenfiguur met dikke buik en omhoog gestoken handen; de mond is opengesperd
  • „..door innerlijke drang, geestelijke emotionaliteit en inspiratie tot kreativiteit, ga ik beeldend denken en vormen, zonder echter de realiteit der fantasie uit het oog te verliezen.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, haar tekst in tentoonstellingscatalogus Facetten van de hedendaagse beeldende kunst, Rijksmuseum Twente in Enschede, 1958
  • Aanhaling(en): Laura Soutendijk, 'De vegetatieve periode', in Lotti van der Gaag, Waanders uitgevers, Zwolle & V+K Publishing, Blaricum, 2003 p. 73; ISBN 90-400-8772-5
  • Vanaf c. 1955 wordt haar beeldhouwwerk abstracter; zelf beschreef ze haar werk in deze periode (c. 1955 tot 1960/61) als 'vegetatief'
  • „..mijn beelden zouden aanspoelsels der demonische zee kunnen zijn of te vinden in woeste wouden tussen stronken en boomwortels en vormen ieder op zichzelf een eigen schepping..”
  • Bron: Lotti van der Gaag, haar tekst in tentoonstellingscatalogus Facetten van de hedendaagse beeldende kunst, Rijksmuseum Twente in Enschede, 1958
  • Aanhaling(en): Laura Soutendijk, 'De vegetatieve periode', in Lotti van der Gaag, Waanders uitgevers, Zwolle & V+K Publishing, Blaricum, 2003 p. 73; ISBN 90-400-8772-5
  • Enkele veelzeggende titels uit deze 'vegetatieve' periode van c. 1955-61 zijn 'Bosgod, Kijkbeest, Tortakel, Nachtdrift, Dreefdier'
  • „..beelden met gaten.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, in gesprek met Van der Kley
  • Aanhaling(en): Van der Kley, recensie van solotentoonstelling in galerie Van Reekum, in Nieuwe Apeldoornse Courant, 24 juni 1965
  • Zo betitelde Van der Gaag kernachtig haar beelden die zij vanaf c. 1952 maakte, opgebouwd met interne ruimtes. De invloed van Zadkine was daar niet vreemd aan
  • „Mijn kunst is als de natuur. Alles wat leeft is kunst: de bomen, de beesten, ongelofelijk. Alle leven, alle dood, dat is de kunst. Wij zijn geschapen, maar de kunstenaar schept ook. Zijn werk moet leven, ziek en spreken. Maar in ons hart is de ware kunst.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, haar tekst in tentoonstellingscatalogus, Van Reekum Galerij, juni 1965
  • Aanhaling(en): Laura Soutendijk, 'De vegetatieve periode', in Lotti van der Gaag, Waanders uitgevers, Zwolle & V+K Publishing, Blaricum, 2003 p. 77; ISBN 90-400-8772-5
  • Veel recensenten in dat jaar benadrukten de zichtbare relatie tussen haar werk en de natuur. Er vielen woorden als 'koraalgroei', 'weerbarstig', 'ruw', natuurgebeuren'
  • „Ik heb zwaar het gevoel dat ik niet lang meer leef. Daarom ben ik aan een publiciteitscampagne bezig. Ik heb telefoonrekeningen van duizend francs per maand.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, tijdens een gesprek in Parijs, 1982
  • Aanhaling(en): ongenoemde recensent, 'Lotti van der Gaag behoort eindelijk tot Cobra', in Trouw, 29 januari 1993
  • Van der Gaag werd niet opgenomen in het boek Cobra, waarmee Willemijn Stokvis in 1974 promoveerde. In 1984 schreef ze echter in De Nederlandse identiteit in de kunst na 1945 dat de vroege klei-figuurtjes van Lotti uit 1949.. 'volkomen in de wereld van Cobra passen'
  • „Het is gebeurd, ze zijn gekomen en ze hebben al mijn spullen in een vrachtwagen gesmeten, er zijn dingen gestolen. 's Middags hebben bulldozers het straatje weggeruimd, alles plat.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, in N.R.C. Handelsblad, 11 december 1986
  • Aanhaling(en): Laura Soutendijk, 'De jaren zeventig en daarna', in Lotti van der Gaag, Waanders uitgevers, Zwolle & V+K Publishing, Blaricum, 2003 p. 89; ISBN 90-400-8772-5
  • In het voorjaar van 1983 werd het atelier van Van der Gaag met dat van andere kunstenaars in de Rue Vercingétorix in Montparnasse, Parijs gesloopt. Haar volgend atelier was in de 15/17 Rue Alain, ook in Montparnasse. Dit bewoonde ze tot juni 1997
  • Livinus van der Bundt zei: 'Je moet je niet generen, ook al maak je beelden met drie neuzen of vijf handen'. Als dàt mag, dacht ik, dan gaan we 'm effetjes van Jetje geven. Ik maakte een beeld met twee neuzen en een paar ogen en een vrouw met borsten en een pik.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, in gesprek met Bibeb Vrij Nederland, 1987
  • Aanhaling(en): T.U. Campus, 'Lotti van der Gaag - 'Vlerkhond' (1954)', in Beelden, website T.U. Eindhoven
  • Van de Bundt was directeur van de Vrije Academie in Den Haag, van wie ze vanaf c. 1948/49 les kreeg; hij moedigde haar vanuit zijn surrealistische achtergrond aan om zoveel mogelijk van de eigen fantasie uit te gaan
  • „Ik schilderde al heel lang, maar ik voelde dat het een verboden terrein was. Als ik me graag ongeliefd wilde maken, moest ik een potje gaan schilderen. Ik heb wel tekeningen gemaakt. Dat wist niemand [..] Bijna alle mannen vinden het aardig als hun vrouw een beetje tekent, schildert, boetseert, maar het moet bij een lieve hobby blijven.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, in gesprek met Bibeb Vrij Nederland, 1987
  • Aanhaling(en): 'Overzichtstentoonstelling met werk van Dora Tuynman..', in NRC, 16 november 1991
  • Van der Gaag weigerde in Parijs c. 1951-53 een huwelijksaanzoek van Kees van Bohemen, want hij stelde als voorwaarde dat ze zou stoppen met haar werk als kunstenares. Ze maakte het daarop ook uit
  • „Ik heb een heel eigen techniek in het schilderen gevonden. Als de verf nog nat is, ga ik er met de stompe achterkant van een mes strepen doortrekken, zodat de ondergrond bloot komt. Dat is zorgvuldig werken, want je moet ervoor oppassen dat de boel niet door elkaar loopt en troebel wordt.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, in gesprek met Bert Schierbeek, 1992
  • Aanhaling(en): Bert Schierbeek, Lotti van der Gaag – Bert Schierbeek, Museum Boymans van Beuningen, Rotterdam & Institute Néerlandais, Paris 1992; ISBN 90-6918-107-X
  • Vaak gebruikte Van der Gaag acryl- en gouacheverf gemengd door elkaar, op papier of op doek
  • „Ik wil er niet eens meer bij horen [bij COBRA,] ik word er vies van. [..] Ze proberen me gewoon klein te krijgen, dat proberen ze al zo lang als ik werk. Het draait bij die jongens alleen maar om de commercie. Want als je Cobra bent, ook al maak je een scheet, kun je er een hoop geld voor vragen.”
  • Bron: interview in Vrij Nederland, einde van 1994
  • Aanhaling(en): Marian Cousijn, 'Of je haar werk nu mooi of lelijk..', in de Correspondent, 7 september 2018
  • Corneille had in een open brief verkondigd dat Lotti van de Gaag beslist niet tot de vroege COBRA gerekend kon worden. Van der Gaag protesteerde eerst nog maar kreeg er daarna genoeg van; helaas bleef deze kwestie de jaren erna aan haar kleven
  • „Als reïncarnatie zou bestaan, dan was ik vroeger zeker een neger geweest.”
  • Bron: Lotti van der Gaag, in gesprekken van 6 februari en 1 mei 1996 met Laura Soutendijk, 2000-2002,
  • Aanhaling(en): Laura Soutendijk, Lotti van der Gaag, Waanders uitgevers, Zwolle & V+K Publishing, Blaricum, 2003 p. 60; ISBN 90-400-8772-5
  • Meerdere kunstcritici zoals ook kunstcriticus Hammacher in 1955 hadden invloed van Afrikaanse beelden onderkend in haar vroege werk; zelf ontkende ze dit. Pas circa 1959-61 zag ze voor het eerst Afrikaanse beelden, die ze overigens prachtig vond
  • „Als ik in een galerie was, legde ik de foto's op de grond en zei: "Dat maak ik." Ik had later m'n dochtertje aan de hand en twee schildpadden in m'n zak. Die hadden we, dus die moesten mee. Ze wisten zelfs in Oostenrijk: er loopt in Parijs zo'n grietje met schildpadden overal fotootjes te laten zien. Kom ik een man tegen die zegt dat ik mijn foto's aan het Musée d'Art Moderne moet laten zien.”
  • Bron: Opheffer, 'ik ben een neger geweest', in De Groene Amsterdammer nr. 8, 24 februari 1999
  • Aanhaling(en): Kunstbus, 'Lotti van der Gaag (1923-1999)'
  • Zij nam op haar bezoek aan het Musée d'Art Moderne (c. 1950-54) naast haar eigen werken ook werk van Karel Appel en Corneille mee, om hun zo te introduceren
  • „Ik ga achter een stuk papier of een stuk klei zitten en ik ga lekker werken. Net als Karel Appel zegt: ik ben van de wereld en het wordt goed. Je bent geïnspireerd, net als bij het maken van muziek. Alleen componeer je met klei. Je kijkt en dan moet er daar wat en hier wat, dan draai je het om, er gaat iets weg en er komt iets bij. Het is gewoon mijn onbewuste. Ik leef me uit en laat m'n fantasie gaan en dan kijk ik of het goed gaat en of de compositie goed was.”
  • „Aan het eind van de Rue Santeuil [Parijs], toen iedereen al weg wilde, heb ik nog eventjes vijftig schilderijen gemaakt. Die waren zwart-wit, aardkleuren. Ik wilde eerst zo dicht mogelijk bij de klei blijven. Toen ik er weg was, deed ik alles wat ik leuk vond en ging ik ook kleuren gebruiken. Ik geef mezelf opdrachten om de vaart er in te houden. Als ik mezelf een taak opleg, ben ik gelukkig.”

Citaten over Lotti van der Gaag - chronologisch[bewerken]

  • „Ik beveel u mevrouw van der Gaag aan als een getalenteerde, jonge beeldhouwster.”
  • Bron: Ossip Zadkine, aanbevelingsbrief aan de Franse overheid, 24 september 1951
  • Aanhaling(en): Laura Soutendijk, Lotti van der Gaag, Waanders uitgevers, Zwolle & V+K Publishing, Blaricum, 2003 p. 64; ISBN 90-400-8772-5
  • Vanaf 1950 kreeg Lotti van der Gaag in Parijs les op het atelier van Zadkine. Een aantal kunstenaars zoals o.a. Henri Laurens en Zadkine ondersteunden met een brief haar aanvraag voor een studiebeurs
  • „Sinds enkele jaren heb ik met belangstelling en sympathie het werk gevolgd van mevrouw Van der Gaag en ik heb een artistieke ontwikkeling moeten constateren die mij verbaasd heeft. Zij hoort bij die groep jonge kunstenaars die zich oriënteert op primitieve kunstvormen, een groep waartoe ook [Karel] Appel, Corneille en Constant [Nieuwenhuys] [3 COBRA-kunstenaars] behoren. Temidden van deze groep is zij de enige die zich uitsluitend met beeldhouwen bezig houdt.”
  • Bron: Hans Jaffé, aanbevelingsbrief aan de Franse overheid, maart 1952
  • Aanhaling(en): Tito Cruls, Lotti van der Gaag - beelden, Beeren, Schierbeek, Cruls; De Beyerd - Breda, 1987 pp. 28-29; ISBN 90-400-8772-5
  • Er waren in die tijd verschillen van mening of Lotti van der Gaag inderdaad met haar werk tot de Cobragroep behoorde, zoals Jaffé dit hier stelt
  • „Men kan zeggen dat Lotti in Nederland de importrice is geweest van een aantal Parijse inventies.”
  • Bron: Wim Beeren, 'Signalement van Lotti van der Gaag', in Museumjournaal, juni 1963, pp. 255–261
  • Aanhaling(en): ongenoemde recensent, 'Lotti van der Gaag behoort eindelijk tot Cobra', in Trouw, 29 januari 1993
  • Naast kunstenaars werden ook verschillende schrijvers door haar werk geïnspireerd. Jan Cremer - een vriend uit haar vroege Parijse jaren (c. 1950-53), vond opvallende namen voor haar toen takkige beelden: 'Rifdrift, Tortakel, Stipila, Krataal, Nachtvleer', wat ze later zelf voortzette
  • „Zo is het werk van Lotti. Haar droom is mooi verpakt en aangrijpend.. Of zij nu beelden maakt of tekeningen, er komen figuren tot leven die ons allemaal gaan bewonen en ons niet met rust laten.”
  • Bron: Bert Schierbeek, 'Voor Lotti van der Gaag' in Lotti van der Gaag – Bert Schierbeek samenstelling Piet de Jonge, Museum Boymans van Beuningen, Rotterdam & Institut Néerlandais, Paris 1992, n.p.; ISBN 90-6918-107-X
  • Aanhaling(en): Piet de Jonge, Lotti van der Gaag – Bert Schierbeek, Museum Boymans van Beuningen, Rotterdam & Institute Néerlandais, Paris 1992; ISBN 90-6918-107-X
  • „In Lotti's tekeningen zit veel wit. Het wit, de leegte, houdt de vorm heel. Het feit dat zij een tijd bij Zadkine heeft gewerkt [in Parijs] zal aan deze 'leegten' niet vreemd zijn. Als geen ander wist Zadkine het beeld doorzichtig te maken.”
  • Bron: Bert Schierbeek, 'Voor Lotti van der Gaag' in Lotti van der Gaag – Bert Schierbeek samenstelling Piet de Jonge, Museum Boymans van Beuningen, Rotterdam & Institut Néerlandais, Paris 1992, n.p.; ISBN 90-6918-107-X
  • Aanhaling(en): Piet de Jonge, Lotti van der Gaag – Bert Schierbeek, Museum Boymans van Beuningen, Rotterdam & Institute Néerlandais, Paris 1992, n.p.; ISBN 90-6918-107-X
  • Het waren juist kunstenaars als Zadkine, Moore enHepworth die voor het eerst hun beelden 'openden' - ze gaven ze doorkijken door het volume van het beeld heen. Zodat er ook ook allerlei binnenruimte ontstond binnen in een beeld; er ontstond transparantie
  • „Zij moet worden gezien als een volwaardig lid van de Cobra-beweging.”
  • Bron: tekst op uitnodiging van haar solotentoonstelling, in Museum Boijmans Van Beuningen, 1993
  • Aanhaling(en): Marian Cousijn, 'Of je haar werk nu mooi of lelijk..', in de Correspondent, 7 september 2018
  • Hierover bestond veel verschil van mening; dit leidde in 1994 tot een groot conflict met o.a. de Cobra-kunstenaar Corneille, die hier niets van wilde weten
  • „Dit is een ernstige geschiedenis vervalsing [sic]. Lotti – als beeldhouwster – heeft nooit en te nimmer bij onze groep gehoord, heeft aan geen enkele manifestatie of tentoonstelling van Cobra meegedaan, zij komt nergens voor in onze publikaties. [..] Ik wil de pionierskracht van Cobra niet verzwakt zien, en zeker niet zijn historische betekenis vertekend..”
  • Bron: Corneille, open brief aan directie van Stedelijk Museum Amsterdam, gepubliceerd in Vernissage, 1994
  • Aanhaling(en): Marian Cousijn, 'Of je haar werk nu mooi of lelijk..', in de Correspondent, 7 september 2018
  • In een museumcatalogus van Stedelijk Museum Amsterdam c. 1994 werd Lotti van der Gaag in één adem genoemd met de Cobrabeweging uit de jaren c. 1950-1960. Corneille protesteeerde daar toen hevig tegen

Externe links[bewerken]

Galerij van haar werken - chronologisch[bewerken]