Confucius

Uit Wikiquote
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit lemma over Confucius heeft een of meer problemen
Question book-new.svg     Van een of meer citaten ontbreken primaire bronnen (die ondersteunen dat dit citaat inderdaad is uitgesproken door deze persoon).
Text document with red question mark.svg     Van een of meer citaten ontbreken secundaire bronnen (die aantonen dat elk citaat inderdaad door anderen in het Nederlandse taalgebied wordt aangehaald).
TAR Exclamation icon.svg     Van een of meer anderstalige citaten ontbreekt het citaat in de oorspronkelijke taal.

Help mee deze problemen op te lossen. Indien deze problemen niet in redelijke tijd worden opgelost, worden de betreffende citaten naar Overleg:Confucius verplaatst. Als echter alle citaten in dit lemma een of meer onopgeloste problemen hebben, zal het lemma uiteindelijke voor verwijdering worden voorgedragen op de Verwijderlijst. LET OP: Gelieve geen nieuwe incomplete citaten aan deze pagina toe te voegen. Deze kunnen zo nodig op Overleg:Confucius worden toegevoegd, onder een hoofdje {{onvolledig}}.

Een standbeeld van Confucius
Informatie bij zusterprojecten:
Wikipedia-logo-v2.svg
artikel in Wikipedia
Commons-logo.svg
media bij Commons
Wikisource-logo.svg
bron(nen) in Wikisource
Informatie in externe bronnen:
KB pagina in KB-catalogus

Confucius (551 v.Chr. - 479 v.Chr.) was een Chinees filosoof.

De Analecten[bewerken]

  • „Alle mensen zijn hetzelfde. Het zijn slechts hun gebruiken die verschillen.”
  • Origineel in het Chinees:
    “人之初,性本善;性相近,習相遠。”
  • Bron: onbekend
  • Aanhaling: onbekend
  • „Onze grootste overwinning is niet dat we nooit falen, maar dat we telkens als we struikelen weer opstaan.”
  • Bron: De Analecten, boek II
  • Aanhaling: onbekend
  • „Superieure mensen zijn zich bewust van rechtvaardigheid, inferieure mensen zijn zich bewust van winst.”
  • Origineel in het Chinees:
    “君子喻於義,小人喻於利。”
  • Bron: De Analecten, boek IV, hoofdstuk XVI
  • Aanhaling: onbekend
  • „Wanneer ik met twee anderen loop kunnen zij dienst doen als als mijn leraren. Ik neem hun deugden over en ga hun kwalijke eigenschappen uit de weg.”
  • Bron: De Analecten, boek VII
  • Aanhaling: onbekend


Zie ook[bewerken]