Theo Wolvecamp
Uit Wikiquote
Theo Wolvecamp (1925-1992) is een Nederlandse kunstenaar die kort na W.O. 2 naar Amsterdam trok en daar enige tijd aansluiting vond bij de startende Cobra-groep. Na enkele jaren in Parijs gewerkt te hebben vestigde hij zich vanaf 1955 in een betrekkelijk isolement in Hengelo, waar hij tot zijn dood bleef werken en wonen. Zijn schilderkunst werd uiteindelijk abstract en zat stevig in de verf:
[bewerken] Citaten zonder bron
- (1955) Uitgaande van de materie tracht ik te komen tot een levensexpressie in de vorm van een schilderij dat niet alleen een bouwsel is van kleuren en lijnen, maar waarin een spontaan humaan sentiment een overwinning is op de materie en op ieder esthetisch begrip.
- (1961) De tegenstelling figuratief-abstract heeft voor mij geen enkele waarde, evenmin de klank 'mooi of lelijk'. Het gaat om realiteit, niet om de wijze waarop zij in een vorm gestoken wordt. Wat ik met mijn ogen waarneem speelt een rol, maar het gaat indirect om een levenshouding. Soutine schildert een dorpsidioot of een mistral in Ceret. Maar het was altijd weer een zelfportret, een levenshouding, een levensexpressie, een spontaan levensgevoel.
- (1969) Het gaat erom die realiteit die in je leeft op een universeel plan te brengen. Van Gogh heeft zijn persoonlijke waarheid, die onbewust ook bij de massa leeft, op een universeel plan gebracht. Dat maakt ook een Rembrandt tot een grote figuur, tot een universele persoonlijkheid. Daarom vind ik Dubuffet in onze tijd zo belangrijk; zijn realisme heeft een enorme brede basis. Daarom heeft zijn werk een grote levensvatbaarheid.
- (1984) Ik werk met dat felle vuur en dan zie ik dat het schilderij toch weer een chaos wordt. Vroeger verlangde ik ernaar om met een nieuw en schoon doek te beginnen, maar het leverde niettemin een hoop chaos op. Dan stak ik er de brand in.
- (1984) Ik sla met een stok en het wild komt tevoorschijn. Zoiets speelt zich ookbij het schilderen af. Het komt van binnenuit (vgl Pollock, fh) en toch gaat het buiten je om.Natuurlijk oefen je een zekere controle uit maar toch is het steeds opnieuween avontuur waarvan je niet weet hoe het afloopt.
- (1984) De tragiek in het werk van Soutine heeft me altijd bezig gehouden. Drama komt voort uit intellect, maar tragiek is een instinct. Dat (laatste, fh) schat ik het hoogst.
- (1984/85) Ik streef niet naar een 'belle peinture' in de zin van esthetiek, maar naar een 'peinture' die iets vertelt. Het verhaal zit in de verf. Ik schets improviserend met kleur en daarin begin ik de verf te zetten. Soms gebeurt dat snel maar vaak schilder ik het hele doek dan weer over, zodat er hier en daar iets van de materie zichtbaar blijft. Dan bouw ik het verder op. Het grote doek in het Frans Hals Museum is op die manier ontstaan. Ik heb het toen op de grond gelegd en ben er met een stok en paletmes in gaan werken. Dat schilderij werd een grote rotzooi. Ik ben er toen in gaan vegen met een (ander. fh) doek en heb stukken geglaceerd met dunne verftonen. Toen zag ik het. Er doemden vormen op uit de materie. Daar ben ik toen op doorgegaan. Het is de materie die reflecteert op je gevoel en die je ideeën en vormen suggereert die je weer aanzetten tot activiteit, waardoor je tot een vormgeving komt.
- (1984/85) Het gaat altijd om de uitdrukking van gevoel die bij zoveel mogelijk mensen weerklank vindt.
- Er zijn van die momenten dat een doek me de strot dichtknijpt. Dat is een teken dat ik het schilderij niet overwonnen heb en de materie niet ondergeschikt heb kunnen maken aan mijn geest of hoe je het ook noemen wilt. Dat er niet inzit wat ik er in wil hebben. Dat maakt me benauwd en depressief. Dan zet ik zo'n doek een dag of veertien aan de kant tot het weer helemaal droog is en dan ga ik er weer op verder. Ik werk ook op meerdere doeken tegelijk. (1984/85)
- Ik begin met een kleurvlak, met de materie; ik weet niet waar ik heen zal gaan. Ik improviseer, en tijdens de bijna automatische handeling van het schilderen begin ik me vrij te voelen.
- De suggestie die uitgaat van de materie zet de creativiteit tot werkzaamheid aan. Het is de ontmoeting met de ruwe materie die mij de vormen en ideeën suggereert. In de stroom van een spontaan levensgevoel neemt dat, wat in me leeft vorm aan. Het activeren van de scheppingsdrang zie ik als de voornaamste taak.
Bron:
- 'Abstracte kunst; 100 jaar citaten van kunstenaars', website Dekunsten