Kurt Schwitters

Uit Wikiquote

Ga naar: navigatie, zoeken

Kurt Schwitters (1887-1948) is een Duitse Dada-kunstenaar die zich uitte in zowel schilderijen, collages en in gedichten en proza. Hij ontwikkelde zijn eigen 'kunst-merk': Merz! Vanaf 1921 trok hij intensief op met Theo van Doesburg in Dada-avonden in Nederland. In 1937 vluchtte Schwitters voor de Nazi's naar Noorwegen waar hij landschappen schilderde, en vervolgens naar Engeland waar hij zijn Merz-kunst voortzette.:

[bewerken] Citaten zonder bron

  • Wij dragers van de dadaïstische beweging proberen de tijd een spiegel voor te houden.
  • Dada brengt alle grote spanningen van onzen tijd op hun grootste gemene deeler. Deze grootste gemene deler is: nonsens. Niet Dada is nonsens - maar het wezen van onze tijd is nonsens.
  • Ik is stijl.
  • Waar wij (Dada, fh) naar streven is het allesomvattende kunstwerk dat uitstijgt boven elk affiche; of dat nou champagne aanbeveelt, dada, communisme of dictatuur.
  • Kunst bezit geen boodschap, de boodschap is de kunst zelf.
  • Kunst is een oerconcept, subliem als een godheid, onverklaarbaar als het leven zelf en ondefiniëerbaar en willekeurig.
  • (1920) Het woord Merz had nog geen betekenis toen ik het maakte. Nu heeft het de betekenis die ik het heb gegeven. De betekenis van het begrip Merz verandert met de verandering van de kennis van diegenen die verder werken in de zin van het begrip.
  • Ik noemde mijn nieuwe creatiewijze met elk aanwezig materiaal dan ook Merz. Dit is de tweede lettergreep van Commerz. De naam gaf aanleiding tot het Merzbild, een schilderij waarin het woord Merz tussen abstracte vormen gelezen kon worden. Het was uitgeknipt en opgeplakt uit een advertentie van de Kommerz- und Privatbank.
  • (1923) Dus heb ik aanvankelijk beelden uit materiaal gemaakt dat ik gemakkelijk bij de hand had, zoals tramkaartjes, garderobe-briefjes, stukjes hout, touw en draad, kromme wieltjes.. ..Deze dingen worden zoals ze zijn, of ook gewijzigd in het beeld, ingevoegd op de manier zoals het beeld daar om vraagt. Door hun onderlinge waardering verliezen ze hun individuele karakter, hun bijzonderheid; ze verliezen hun materiële karakter en zijn slechts materiaal voor het beeld (geworden, fh).
  • U kunt begrijpen dat ik een beeld met het woord Merz een Merzbeeld noemde op de manier zoals ik een beeld met 'en' het Enbeeld noemde en een beeld met 'arbeider' het Arbeiderbeeld.
  • (1927) Nu zocht ik, toen ik voor het eerst deze geplakte en opgespijkerde beelden.. ..tentoonstelde, een verzamelnaam voor deze nieuwe creatie omdat ik mijn beelden niet wilde inlijven in de gangbare benamingen van expressionisme, cubisme, futurisme, of wat er nog meer was. Ik noemde vanaf toen al mijn beelden.. .Merzbeelden.
  • Merz wil betrekkingen in het leven roepen, het liefste tussen alle dingen van de wereld.
  • Merz is het bruikbaar maken van alle mogelijke materialen voor de kunst. Merz is abstracte kunst. Merz is de vereniging van kunst en nietkunst die leidt tot het totale Merzwereldbeeld. Merz cultiveert de onzin. Merz is consequent. Merz betekent om uit de scherven het nieuwe op te bouwen. Merz ontwikkelt de voorstudies voor de gemeenschappelijke schepping van de wereld. Merz ontgift.. ..Merz is een standpunt, Merz is een vrolijk spel. Merz is een wereldbeschouwing. Merz is Kurt Schwitters.
  • (1923) Merz bevat niet slechts elk mogelijk materiaal maar geeft ook de eigen speelruimte aan de dingen, Op die manier beheerst Merz dat wat niet te beheersen is. En hierdoor is Merz groter dan Merz.
  • Merzen acht ik immers zo belangrijk voor mijn leven.
  • n.a.v. de toernee in Holland met Van Doesburg gedurende 1927: ..Heel Holland is Dada.. ..Wij spiegelen Dada omdat wij stijl willen. Binnen afzienbare tijd hopen we door onze verhelderende activiteiten rond het enorme gebrek aan stijl in onze cultuur een sterke wil en een groot verlangen naar stijl op te roepen. Dan begint onze belangrijkste taak: wij keren ons tegen Dada en zetten ons nog slechts in voor de stijl... ..Dada is de stijl van onze tijd, die geen stijl heeft.
  • (1936) over twee portretten van Hitler en Goebbels: Wat zullen we doen? Zullen we ze ophangen of tegen de muur zetten?
  • uit zijn gedicht aan de onbekende vrouw: ..O jij, geliefde mijner zevenentwintig zinnen, ik hou van jij! / Jij, jouw jouwer jouwst, ik jij, jij mij. / Wij? /Dat hoort hier (terloops) niet thuis. / Wie ben jij, overrekenbaar vrouwspersoon? Jij bent / ben jij? / De mensen zeggen dat je zou, / laat ze zeggen, /ze weten niet, hoe de kerktoren staat..(vertaling: Stef De Paepe/Win Van Gansbeke)


Bronnen:

  • 'Abstracte kunst; 100 jaar citaten van kunstenaars', website Dekunsten
  • Richtingen in de Hedendaagsche Schilderkunst, door J. Bendien, Brusse N.V., Rotterdam 1935





Mensen - Spreekwoorden - Thema's
Persoonlijke instellingen
Andere talen