Henk Peeters

Uit Wikiquote

Ga naar: navigatie, zoeken

Henk Peeters (1925) vormde samen met Armando, Jan Schoonhoven en Jan Henderikse de Nederlandse Nul-groep en onderhield intensieve contacten met de internationale 'Zero' en 'Nul'; Hij was bevriend met Yves Klein en met Manzoni. Peeters hechtte aan modern materiaal en gebruikte o.a. schuimplastic, kunstgras, wattenbolletjes. Vanaf 2000 maakte hij schilderijen van opgespannen koeienvachten. Hij doceerde daarnaast tientallen jaren aan de Kunst-academie:

  • 'Ik gebruikte plastic dat je aan de rol kon krijgen bij V en D. Met opzet koos ik dat soort materiaal.. .Ik vond immers dat iedereen voor een habbbekrats Nul-werken moest kunnen kopen, tegen de kostprijs.'
  • 'Mijn materialen heb ik altijd gezocht in mijn dagelijkse omgeving. Ik kocht mijn spullen graag bij de Hema.. ..ik kocht dingen die de gewone huisvrouw zocht, zoals Lola-afwasborsteltjes en krulspelden. Van die vrouwelijke dingen.'
  • 'Met mijn werk heb ik altijd gewild dat het er net zo fris uitzag alsof het bij de Hema lag. 't Moest niet het verkunstelde hebben; ..artistieke watten hoefde ik niet.'
  • 'Ik heb altijd het zachte in mijn werk gecultiveerd, daar voelde ik me het lekkerste bij. Pas als het af is vind ik het aangenaam. Als Armando prikkeldraad neemt, kies ik een donzen bed. Dat wegzweven vind ik heerlijk.'
  • 'De overgang naar een Informele vorm-oplossing en een reliëf-achtig materiegebruik voltrok zich pas goed in 1958 (vlak voor zijn Nul-fase, fh), toen mijn werk steeds stiller en immateriëler werd.'
  • 'Naast de oude kleurloze neiging tot leegte waren mijn werken van '60 in grote grijze vlakken opgebouwd, met nog wat fragmenten van een steeds zwakkere herinnering aan het 'schilderachtige' gebaar. Rijen (Reihungen, fh) gaten perforeerden de leegten, tot in het laatste werk een nieuwe organische ordening is teruggekeerd.'
  • 'Met Nul wilden we opnieuw beginnen. Vanuit het niets. Het was letterlijk een nul-punt, het begin van de nieuwe kunstgeschiedenis.. Wij zetten die oude schilderijen in die mooie lijsten aan de kant. Die hadden voor ons afgedaan.'
  • 'De schilderkunst was de lijst en de handtekening al kwijt, nu verlaat ze het vertrouwde vlak en begeeft zich letterlijk in de wereld; de integratie heeft eindelijk een vorm gevonden.'(1964)
  • 'Materiaal en gevoeligheid namen in mijn werk in de Nul-tijd een belangrijke plaats in. Ik probeerde zintuigelijke gevoeligheid als het ware visueel te maken. Het ging me om de uiterlijke verschijningsvormen van materialen: watten, plastic, water. De betekenis die erachter zat, dat is de leegte. Dat had je in 'Informeel' ook (de informele schilderkunst, vlak voor zijn Nulfase, fh), de betekenis van de leegte, desnoods in Zenboedhistische betekenis.'
  • 'Wij verzetten ons tegen de subjectiviteit, omdat je vanuit de traditie het enge voorbeeld zag van mensen die zich verloren in het 'subjectieve' het persoonlijke. Dat wilden we (de Nul, fh) voorkomen. Daarom hielden we ons bezig met 'feiten'. Terwijl natuurlijk niemand zo naïef was om letterlijk in feiten te geloven.'
  • 'Wij wilden proberen de werkelijkheid zo ruim mogelijk op te vatten. In die zin voelden we ons een beetje wetenschappers. Dat zeiden we ook iedere keer tegen elkaar: 'Wij horen meer bij de cleane wetenschappers dan bij die jongens die bier zitten te hijsen op 'De Kring'.'
  • 'Ik voelde me het meest verwant met de Milanezen, vooral met Manzoni vanwege het speelse, het ironisende. Die Italianen hebben altijd zoiets helders en duidelijks. Manzoni, Yves Klein en Fontana waren de baanbrekers. Toen ik hun werk voor het eerst zag dacht ik 'verdomd zeg, deze richting kan je dus uit'. Ze zetten je op een spoor, maar omdat je je in die tijd (1950-1960, fh) heel snel ontwikkelde ontstond er ook een wederzijdse invloed.'
  • 'In het buitenland hadden we meer geestverwanten. Het is toch opvallend dat je in een wip mensen leerde kennen die op dezelfde koers zaten als wij, terwijl er toch miljoenen mensen op aarde zijn.. ..Rond 1960 leerde ik Yves Klein, Fontana en Manzoni kennen.. ..De (Zero-, fh) Duitsters Mack, Otto Piene en Uecker ontmoette ik via Yves Klein.'
  • 'De vormgeving van de straaljager kwam zonder Arp en Brâncuşi.'
  • 'Wij leerden Yves Klein in 1960 kennen en hebben samen wel eens geëxposeerd. Er is mystiek in zijn werk, zoals bij Wim Schippers.'
  • 'In 1965, na de laatste Nul-tentoonstelling, ben ik aanvankelijk samen met Armando radicaal gestopt met het maken van kunst.. ..Blijkbaar had ik niets meer te melden. Ik ben eigenlijk aan Nul ten gronde gegaan.. .Ach, ik denk dat het ook komt omdat Nul voor mij veel meer was dan alleen kunst maken. Ik wilde echt de wereld veranderen.'
  • 'Daarom maakte ik witte schilderijen, die symboliseerden voor mij 'het ontmaskeren'. Altijd opnieuw hoop ik met mijn schilderijen iets uitgevonden te hebben om tegen de mechanismes van bezit en macht te strijden.'
  • 'Ja, het doel is misschien het socialisme, maar 't zijn toch ook stukjes (kunst, fh) voor onderweg alvast, hè. Het is toch prettig om naar een mooi schilderij te kijken, dan kijk je in een lekker wereldje.'


Bronnen:

  • 'Abstracte kunst; 100 jaar citaten van kunstenaars', website Dekunsten
  • 'De tweede helft, Beeldende kunst na 1945', Ad de Visser, SUN 2005




Mensen - Spreekwoorden - Thema's
Persoonlijke instellingen