André Masson

Uit Wikiquote

Ga naar: navigatie, zoeken

André Masson (1896-19873) was een Franse kunstschilder en vriend van Miró, die aanvankelijk inspiratie vond in het cubisme en vervolgens sterk werd aangetrokken door het het surrealisme. Hij heeft zich intensief maar ook heel kritisch bezig gehouden met het 'automatische schrift' dat naar zijn mening zijn eigen kunst vrij maakte. Hij heeft o.a. veel erotische tekeningen gemaakt. Voor de nazi's moest hij vluchten naar Amerika, waar hij veel invloed had op de na-oorlogse abstract-expressionisten aldaar:


  • 'Men moet volkomen leeg worden. De automatische tekening die haar bron in het onbewuste heeft (= de bron voor het surrealisme, fh) moet als een onvoorziene geboorte aandoen.'
  • 'Wanneer het beeld verschenen is moet men ophouden. Dit beeld is slechts een spoor, een vluchtige afdruk, iets dat aangespoeld is.'
  • 'Het gevaar van het automatisch schrift is zonder enige twijfel de associatie van niet-essentiële betrekkingen waarvan de inhoud - zoals Hegel al zei - dat wat in de beelden zelf zit, niet overstijgt.'(1941)
  • 'De neiging om zichzelf toe te staan vol te stromen door de dingen, dat het ego niet meer zou zijn dan de vaas die door hen gevuld wordt, dit idee vertegenwoordigt slechts een uiterst lage graad van bewustzijn. Op dezelfde manier is een nonchalant beroep op buitenaardse krachten of de bijgelovige identificatie met de kosmos een foutief 'primitivisme' en zijn het slechts aspecten van een gemakkelijk pantheïsme.'
  • 'Een kunstwerk is geen geschreven informatie.. .Als eenmaal de ruwe materialen, aangeboden door het toeval of door ervaring, door het bekende of door het onbekende bij elkaar gevoegd zijn, rest er niets anders dan.. ..te beginnen'
  • 'Er leeft een gehele wereld in de waterdruppel die trillend aan de rand van het blad hangt, maar die wereld is er slechts dàn wanneer de kunstenaar en de dichter de gave bezitten om dit in zijn onmiddelijkheid te zien. Om elk misverstand te voorkomen: deze openbaring of geïnspireerde kennis en dit contact met de natuur is slechts diep, in zoverre zij voorbereid is door het denken en door intensieve overwegingen van de kunstenaar. Dit is de enige manier waarop gevoelige openbaring de kennis kan verrijken.'
  • 'We hebben gezien dat het automatische schrift (het onderzoek van de krachten van het onbewuste), de dromen en het associëren van beelden slechts de materialen aanlevert (zie ook de citaten van zijn vriend Miro, fh). Op een vergelijkbare wijze levert de natuur met haar elementen de onderwerpen aan.'
  • 'De werkelijke kracht van een verbeeldingsrijk werk ontstaat vanuit de volgende drie voorwaarden: 1. de intensiteit van de inleidende gedachte; 2. de frisheid van de visie op de buitenwereld; 3. de noodzaak tot het kennen van de meest geschikte pictorale middelen voor de kunst van deze tijd.'
  • 'Het is daarbij belangrijk om niet te vergeten dat de opmerking van Delacroix: 'een figuratief werk moet voor alles een feest voor het oog zijn' nog steeds van kracht is. Dit betekent zeker niet dat instinct moet zwichten voor reflectie, of inspiratie voor intelligentie.'
  • 'De realiteit van een schilderij is slechts de som van de elementen die het samenstellen: het linnen, verf, vernis.. .Maar wàt het uitdrukt is noodzakelijkerwijs onwerkelijk. En we mogen nog toevoegen dat de kunstenaar - wat voor voorwendsel hij ook heeft met zijn werk - altijd een beroep moet doen op de fantasie van andere mensen.'(1944)
  • 'Dus als een schilderij in essentie iets onwezenlijks is, wat doet het er dan (nog) toe om meer belang aan de droom te hechten dan aan de werkelijkheid??
  • 'Er wordt door de mensen veel gepraat over abstractie in relatie tot het hedendaagse schilderen. Ik weet niet op welk punt in een kunstwerk de critici beslissen waar dat begint of eindigt. Misschien wordt een kunstenaar toegestaan te suggereren dat deze term 'abstract' gereserveerd moet worden voor metafysische discussie, een domein waarin deze notie - het voelt zich hier thuis - briljante tegenstellingen heeft opgeroepen, vanaf Aristoteles tot aan Husserl en Whitehead.'
  • 'De afwezigheid van een onderwerp - het schilderij zelf gezien als een object - is esthetisch gezien perfect verdedigbaar. De angst van de kunstenaars echter die hier een claim op leggen, de angst om te zinspelen op de uitwendige wereld, heeft een merkwaardige overeenkomst met de angst van hen die niet tot een vergelijk willen komen met het irrationale: (namelijk, fh) dat ze niet verrassend genoeg zijn.'
  • reactie op het cubisme: 'Nu is het niet genoeg om een paar cilinders of rechthoeken te tekenen in een bepaalde samengestelde vorm om buiten de wereld terecht te komen. De demon van de analogie die deze dag in een sluwe bui is kan ons in het oor fluisteren dat er hier sprake is van een onvrijwillige toespeling op gewone, alledaagse en herkenbare objecten.'


Bron: 'Abstracte kunst; 100 jaar citaten van kunstenaars', website Dekunsten.




Mensen - Spreekwoorden - Thema's
Persoonlijke instellingen